Herm Driessen (1948) werd geboren in een klein dorpje in Limburg aan de Maas. Daar ligt ook de Keramische Industrie, gespecialiseerd in luxe bouwmaterialen, door zijn opa opgericht vlak voor de tweede wereldoorlog. Aan dat bedrijf was een kunstatelier verbonden waar toendertijd prachtige vazen en heiligenbeelden vervaardigd werden. Toen de belangstelling voor sacrale kunst wat begon af te nemen, kwamen daar wandreliëfs en vrijstaande beelden voor in de plaats. Deze waren bestemd voor overheidsgebouwen zoals scholen, gemeentehuizen, en bibliotheken. Maar ook het bedrijfsleven en particulieren wisten de weg naar het atelier te vinden. de opdrachten kwamen vaak via architecten. Door de jaren heen werkten in het atelier diverse kunstenaars van naam. Enkele in loondienst, anderen op free-lance-basis, of om er hun opdracht te kunnen realiseren. De enorme ovens waren natuurlijk uitermate geschikt voor het grote werk en klei en glazuren in overvloed aanwezig. Als kind kwam Herm veel op het bedrijf en kwam dus al vroeg in aanraking met klei. Als enige in het gezin van zes kinderen had hij een creatieve aanleg, maar niemand kwam ooit op het idee dat dat kunstatelier iets voor hem zou kunnen  gaan betekenen. Na de middelbare school volgde Herm de reclame- en etaleursopleiding en werkte vervolgens als reclametekenaar en daarna twee jaar in de Duitse stad Düsseldorf  als etaleur/decorateur. Aan deze periode kwam een einde, toen hij herstellende van een ziekte wat tijd ging doorbrengen in het atelier en zoals bloed kruipt waar het niet gaan kan, bleef hij daar bijna dertig jaar 'hangen'. In het begin moest hij het vak nog leren en daarbij was de onlangs overleden bekende Roermondse kunstenaar Piet Schoenmakers zijn leermeester en grote voorbeeld. In de avonduren volgde Herm zes jaar lang de Kunstacademie te Maastricht. Door de jaren heen maakte hij in zijn atelier ontelbare kunstwerken in opdracht voor binnen- en buitenland.

Ondertussen brachten Herm en zijn echtgenote Anne-Miek jaarlijks de vakantie door in Frankrijk en raakten erg onder de indruk van de sfeer en vooral de rust op het Franse Platteland. Tot ze op een gegeven moment wisten: "hier willen wij leven". Het duurde toen nog twee jaar eer Herm bewust afstand kon doen van zijn geliefde atelier. En was het ook meteen duidelijk dat het in de toekomst geen klei meer worden zou.

Eenmaal wonende in Frankrijk ruimde hij een ruïne leeg. Jarenlang was daar oud-ijzer in gedumpt, ja zelfs een halve deux chevaux kwam eruit tevoorschijn. En toen zag hij plotseling mogelijkheden van dat oud ijzer sculptures te maken.

Een paar jaar later is het kunstatelier gerealiseerd. een dertigtal beelden staan in de beeldentuin geëxposeerd. In het atelier staan kleinere objecten. De oude ijzeren voorwerpen en gereedschappen komen vooral uit oude boerenschuren. Dat kunnen onderdelen van ploegen zijn, maar ook bijvoorbeeld bijlen, rieken, ringen van tonnen, etc. etc.  Daarnaast werkt hij ook veel met plaatijzer, en hij combineert ook graag met andere materialen zoals het gewonnen natuursteen uit de streek. Hij probeert in zijn creaties een vleugje humor toe te voegen, zodat er ook graag naar gekeken wordt. Zoals een sculptuur met de naam 'insektomobile'. De sprieten en vleugels maken duidelijk dat het om een insekt gaat, de wielen eronder, afkomstig van een oude kruiwagen, maken het insekt mobiel .

Eerst wordt het ijzer blank gemaakt om te kunnen lassen. Als het beeld klaar is krijgt het in de open lucht een nieuwe egale roestlaag en daarop wordt een speciale olie aangebracht om verder roesten tegen te gaan. De olie zorgt voor een heel mooi patin. 

Iedereen die geïnteresseerd is, is welkom om beeldentuin en atelier op afspraak te bezichtigen.